De voetbaldroom van documentairemaker Niels Tesselaar spatte uiteen: ‘Ik voelde mij een niemand’

Jeugdvoetbal De vierdelige documentaireserie ‘Voetbaldroom’ is voor maker Niels Tesselaar onderdeel van zijn verwerkingsproces. „In mijn leukste en beste jaar bij Vitesse liet een trainer ons kind zijn.”

Niels Tesselaar (26) heeft lang gedacht dat hij profvoetballer zou worden. Nadat hij op zijn tiende was gescout door Vitesse, behoorde hij vaak tot de betere spelers van zijn lichting. Terwijl hij al die jaren ook voor het regionale jeugdelftal van de bond speelde, met de beste spelers van Gelderland en Overijssel.

Voortekenen, dacht hij, die erop duiden dat hij goed op weg was, en die niet strookten met de mokerslag die hij na zijn vijfde seizoen bij Vitesse zou incasseren.

Het was niet zijn beste jaar geweest, dat wist hij zelf ook. Hij bleef achter in de groei en miste kracht in de duels. Aan de bal stond hij zijn mannetje, maar zijn techniek en inzicht waren ook weer niet zo exceptioneel dat het zijn gebrek aan fysieke kracht zou kunnen compenseren, zoals spelers als Xavi of Iniësta dat kunnen. Vonden ze althans bij Vitesse.

Het besluit dat hij moest vertrekken, had een grote impact op zijn leven. Hij voelde zich een loser. „Een niemand.” Niet alleen zijn droom maar ook zijn identiteit was in één klap weggevaagd. Vrienden had hij amper nog: die speelden bij Vitesse. Maar wie was hij náást Vitesse? Had hij andere talenten dan voetbal? Ja, leerde hij later, maar aan dat besef ging een lang verwerkingsproces vooraf, met verminderde schoolprestaties en angst- en paniekaanvallen waarvoor hij bij de psycholoog belandde.

„Het is een lang verwerkingsproces”, zegt Tesselaar nu, elf jaar na zijn laatste seizoen in Arnhem. „De littekens zijn er nog.”

In die zin is het hem goed van pas gekomen, de vierdelige docuserie die hij voor BNNVARA heeft mogen maken. Voetbaldroom, waarvan de eerste aflevering zondagavond te zien is, werd voor hem een onderdeel van dat verwerkingsproces. „Ik heb veel scènes uit mijn eigen leven opnieuw beleefd.”

Privétraining op zondag

De documentaire zoomt in op het pad dat talenten moeten afleggen om hun grote droom te verwezenlijken. Hoewel pad? „Het is eerder de beklimming van de Mount Everest”, zoals een opleider van Sparta het in de eerste aflevering verwoordt. De percentages verschillen per profclub verschillen, maar gemiddeld haalt vijf procent van de spelers in jeugdopleidingen het eerste elftal.

Marten de Roon was een van die gelukkigen. Al wandelend door de schilderachtige straatjes van Bergamo, waar hij wordt aangeklampt door Atalanta-fans die hem, corona of niet, even liefkozend in de schouder knijpen, vertelt de Nederlandse international voor de camera dat het soms voelt alsof hij en zijn vrouw al die tijd op vakantie zijn in Italië. Een gedroomd leven, waar hij knetterhard voor heeft gewerkt. „Ik moest het altijd van mijn mentaliteit hebben”, aldus De Roon.

„Je moet net iets meer doen”, zegt ook Wout Weghorst, een gevierde spits bij de Duitse club VfL Wolfsburg. „Wat je erin stopt, krijg je terug.”

Voor Weghorst had dat het gewenste effect, maar geldt dat straks ook voor de twaalfjarige Finn? Hij krijgt op zondagochtend privétraining om te schaven aan zijn techniek. Zijn vader, die zijn baan op het voetbalritme van zijn zoon heeft afgestemd, merkt monter op dat andere kinderen „uitslapen of gamen”, terwijl zijn zoon al in de vroege uren rond pilonnen dribbelt. „Ik wil niet dat hij later zegt: had ik maar …”

Ook Niels Tesselaar investeerde veel tijd in zijn voetbalcarrière. Op trainingsdagen werd hij thuis in Apeldoorn om zeven uur ‘s ochtends opgehaald door een busje van Vitesse. Daarna moesten nog een aantal teamgenoten worden opgepikt voordat het groepje om half negen bij de middelbare (topsport)school in Arnhem aankwam. Na de lessen stapte de VWO-scholier rond tweeën weer in het busje om te trainen, waarna hij meestal om een uur of acht werd thuisgebracht. Dan moest hij nog aan zijn huiswerk beginnen.

Dat aspect heeft Tesselaar in Voetbaldroom ook willen belichten: het altijd maar onderweg zijn. Bus in, bus uit. En niet alleen bij de profclubs. In het spoor van een jeugdteam van Alphense Boys, een grote amateurclub, reist de camera mee naar een wedstrijd bij FC Emmen. Snoepen en gek doen in de bus? „Daar word je misselijk van”, houdt de trainer zijn twaalfjarige spelertjes voor. Het is geen schoolreis.

Ook bij Alphense Boys gaat het er bloedserieus aan toe. De club meet de lengte van jeugdspelers en organiseert net als profclubs talentendagen, waarbij tientallen trainers in uniforme trainingspakken langs de lijn staan. Na afloop maken de opleiders in de kantine een selectie.

„Thijn?”

„Nee.”

„Ali?”

„Nee.”

„Diego?”

„Ja.”

„Rowendy?”

„Nee.”

„Adam?”

„Ja.”

Nazorg voor afvallers

De makers – Tesselaar werkte samen met Frederick Mansell, Laurens Samsom en Manon Colson – schetsen een beeld van de volledige voetbaldroom: van ambitieuze jeugdspelers die vroeg naar bed gaan tot de geslaagde prof, van invloedrijke zaakwaarnemers tot de afvallers en sportpsychologen die zich om hun lot bekommeren.

Tesselaar: „We willen maatschappelijke debat aanzwengelen, door ook de minder leuke kanten te laten zien. Die keerzijde blijft vaak onderbelicht. Dan heb ik het vooral over het welzijn van kinderen. Mijn leukste en beste jaar bij Vitesse was het jaar onder een trainer die ons kind liet zijn.”

Bij zaken die anders of beter kunnen, denkt hij onder meer aan de manier van coachen. Zéggen dat een kind fouten mag maken, vindt hij, is nog wat anders dan het ook daadwerkelijk laten gebeuren. Ook oppert hij dat clubs spelertjes op latere leeftijd kunnen scouten, omdat steeds duidelijker wordt dat het onmogelijk is om in zeven- of achtjarigen een toekomstig prof te ontwaren.

Tot slot: nazorg. Want al houden clubs spelers voor dat ze ver kunnen komen als zij zo hard werken als de Portugese superster Cristiano Ronaldo, zoals de opleidingscoördinator van Sparta het zegt, het gros valt af.

Tesselaar: „Daar ligt echt een verantwoordelijkheid voor de clubs.” Hij weet hoe hard het erin hakt als je grote voetbaldroom uiteenspat.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *