‘We moeten de mindset in ons voetbal compleet bijstellen’

 
 
 

Het voordeel van wonen in de grensstreek is dat je op slechts één uur rijden een totaal andere voetbalwereld kunt vinden. Ik heb mijn jongens zaterdag meegenomen naar Borussia Dortmund-FSV Mainz (1-2) en het was van de eerste tot de laatste minuut een voetbal-pretpark.

De rond de fanshop gecreëerde Fanworld waar je twee uur voor de wedstrijd al over de koppen kon lopen. Die Gelbe Wand waar 25 duizend supporters op kunnen staan, meer dan in menig stadion in Nederland passen. De mensen vooral, die een Bundesliga-wedstrijd als een echte dag uit beleven. De grootsheid van Borussia Dortmund is overweldigend. En dan te bedenken dat deze club tien jaar geleden ook bijna failliet was. Hoe hebben ze het voor elkaar gekregen?

Ik werd ook verrast door het voetbal dat FSV Mainz speelde. De ploeg van Nigel de Jong is bepaald geen wereldelftal, ze streden niet voor niets het hele seizoen tegen degradatie. Maar er zit een tempo in dat elftal, echt niet normaal. Zoals zo veel teams op internationaal niveau heeft Mainz zes spelers die de bereidheid en het vermogen hebben sprints van zestig meter te trekken, iedere keer weer. Ze doen het ook als ze weten dat ze de bal niet krijgen. Ze doen het ook als het alleen maar is om het de tegenstander moeilijk te maken. Ze doen het, omdat het moet. Op de tribune met Dortmund-fans voelde je ook de onrust toenemen. Oh God, daar komen ze weer!

Vergelijk dat eens met het voetbal in de Eredivisie en je ziet bijna een ander spel. Wie zijn hier nog de aanvallers die gebruikmaken van hun snelheid en keer op keer de diepte in sprinten? Jahanbakhsh, Lozano, Neres. De buitenlanders dus, bij hen zit het in de natuur. Los van hun doelpunten helpen zij hun elftallen enorm met die manier van spelen. Een tegenstander moet zich immers altijd instellen op spitsen die te pas en te onpas de diepte zoeken. Niet zelden wordt daar een tweede verdediger bij geposteerd, waardoor er elders op het veld hoe dan ook ruimte ontstaat.

Onder de Nederlandse voetballers zijn het vooral de middenvelders die veel diepte in het spel leggen. Guus Til, Marco van Ginkel, Donny van de Beek; dat soort spelers. De spitsen die het eigenlijk moeiteloos zouden moeten kunnen, jongens als Justin Kluivert en Steven Bergwijn, vinden het niet cool. Zij maken de actie het liefst met de bal aan de voeten, en doen dat vaak uit stilstand. Daardoor verlopen wedstrijden van Nederlands georiënteerde ploegen vaak zo traag. Er zit geen tempo en geen power in.

De bereidheid hebben negentig minuten lang vuile meters te maken. Het zit er overal in, behalve bij ons

Ik heb in Dortmund voor de zoveelste keer het bewijs gezien dat we de mindset in ons voetbal compleet moeten bijstellen. Spelers moeten juist blij zijn dat ze het vermogen hebben diepte in het spel te maken. Natuurlijk, we hebben denkers en strategen nodig, maar deze jongens ook, meer dan ooit. En de trainers moeten veel meer gaan trainen op dat wat daadwerkelijk belangrijk is: de omschakeling, hoe creëer je op het veld een georganiseerde chaos?

Er wordt tegenwoordig alleen nog maar gesproken over systemen en tactische organisaties, maar waar het om gaat is: hoe anticipeer je als de linksback van de tegenpartij balverlies lijdt? Hoe reageer je dan individueel en als elftal? Het is zinvoller om dáárop te trainen dan op die eindeloze positiespellen. Er wordt in het moderne voetbal tenslotte nog maar zelden gescoord uit een lange en zorgvuldige aanvalsopbouw van achteruit. Ja, het Manchester City van Pep Guardiola kan dat. Maar ook Manchester City scoort vaker uit situaties waarin de ploeg de bal niet heeft. Omdat ook Manchester City veel dure spelers heeft die de bereidheid hebben negentig minuten lang vuile meters te maken. Het zit er overal in, behalve bij ons.

Willen we met ons voetbal weer een rol van betekenis gaan vervullen, dan zullen we erin mee moeten, zowel op clubniveau als met het Nederlands elftal. Dit is wat de top vraagt. Kijk ook maar naar de voorwaartsen van Liverpool. Het is echt bizar wat Mané, Firmino en Salah aan loop- en sprintwerk verrichten. Daarom ook schiet het in de Champions League alle kanten op en zie je de meest onverwachte uitslagen.

Elke ploeg heeft meerdere tempospelers en omschakelspecialisten en dus het vermogen hettegenstanders die aan de bal dominanter zijn enorm moeilijk te maken. Parallel daaraan zie je de fouten van de scheids- en grensrechters toenemen en echt verwonderlijk is ook dat niet. Voor gewone mensen is het spel domweg te snel geworden, je moet tegenwoordig echt een topatleet zijn.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *