‘Voetballers vinden het heel normaal om samen in bad te liggen”.

Zou ik graag – homoseksueel of niet – met René van der Gijp in een bad willen zitten? Nee. Ik zit hoe dan ook niet graag met mensen in een bad. In een jacuzzi al helemaal niet. Zet mij in een houten ton vol warm water en ik zie een willekeurige Roelvink het hoofd van een meisje ritmisch onder water duwen. Ik zit graag alleen in bad. Samen met een andere man in bad, dan moet je praten, met de voeten van die andere man vlak naast je bovenbeen.

Ik kan dat niet. Je gaat anders praten in bad. Dat heeft niets met seksuele voorkeur te maken. Het is hoe dan ook te intiem voor een normaal gesprek. In een bad zeg je niet tegen de andere man: ‘Ik zit eraan te denken een nieuwe verdeelkap voor in de auto te kopen.’ Ik begrijp uit de woorden van René van der Gijp dat hij wél heel prettig met andere mannen in bad zit.

Ik herinner mij verhalen over zijn badgesprekken met Ruud Gullit. Zou ik ook niet kunnen. Columnisten en schrijvers gaan nooit met elkaar in bad. Maarten ’t Hart en Tommy Wieringa tot hun kin in het schuim, babbelend over een Russische schrijver, dat is ondenkbaar. Dat is voor mij eigenlijk de grootste ontdekking tijdens die hele Veronica Inside-rel: dat er mannen bestaan die sowieso graag met andere mannen in bad zitten.

Wassen is voor mij geen sociale bezigheid. Ik benader het bad als een drinkplaats. Ieder moment kan ik worden verscheurd door een dier – in dit geval iemand die besluit gezellig bij mij in bad te gaan zitten. Ik zit het liefst alleen in het donker, met kranten voor de ramen.

Ik herinner mij wanneer ik voor het eerst stomverbaasd naar een gezamenlijk voetbalbad keek. Dat was toen Kees Jansma, met zijn zwembroek onder zijn gewone broek, zogenaamd tegenspartelend door spelers van het Nederlands elftal in een bad werd gedonderd. Twee dingen vielen mij op. Kees genoot en zette daar de eerste stap naar zijn droombaan: iets officieels worden in de buurt van echte voetballers. Dat verbaasde mij niet. Als je tegen Kees zegt dat hij heel goed is, dan neemt hij je in huis.

Wat mij wél verbaasde, was de omvang van het bad. Waarom was dat een vierkant van vijf bij vijf meter? Opeens begreep ik het: die voetballers lagen daar allemaal tegelijk in. Naakt. Met hun voetballul. Lekker over de wedstrijd praten. Dat vond ik opmerkelijk. Leden van een schaakteam geven elkaar een hand of slaan elkaar met een krant op de wang, maar die denken er niet aan samen in een bad te gaan liggen. Hockeyers doen het wel, maar dan doen ze eerst allemaal een rode of een blauwe broek aan.

Voetballers vinden het blijkbaar de normaalste zaak van de wereld, lekker met hetero’s onder elkaar als ingelegde paling naast elkaar liggen

Voetballers vinden het blijkbaar de normaalste zaak van de wereld, lekker met hetero’s onder elkaar als ingelegde paling naast elkaar in een bad liggen en net doen alsof je in een restaurant zit. In Madrid doen ze het ook. Die kunnen dan honderd keer koninklijk zijn, maar ik heb zelf de kleedkamer en de badruimte van Real Madrid gezien. Een bad zo groot als een Cruyff Court.

Ik vond het een vervelend idee dat Wesley Sneijder daar met zijn kruin net boven water, zijn kontje op een paarse in de kuip gemetselde R had gedrukt. Sindsdien zie ik voetballers eigenlijk altijd naakt. Ik kijk naar sierlijke spelers, zoals Frenkie de Jong en dan denk ik: Ja, jongen, mooie steekpass, maar over een half uur zit je gewoon weer naast de reservekeeper met je ballen op de tegels.

Dat is mijn probleem met voetballers die samen in bad gaan: het doet iets met het mysterie. Er blijft niets te raden over. Ik zou Robin van Persie liever hebben willen blijven zien als een goedgeklede leider, als iemand die uitlegt dat hij de jonge spelers een beetje op weg helpt – ook als dat betekent dat hij dan zelf niet speelt. Ik heb veel meer moeite met Robin van Persie wanneer hij vlak naast Jens Toornstra zijn haar inzeept. Weg onverzettelijkheid.

René van der Gijp heeft een heel ander probleem. Die zou niet graag met een homoseksueel in bad zitten. Waarom weet ik niet. Ik vermoed omdat René denkt dat homo’s altijd meteen seks willen, maar dan snap ik het nóg niet. Als één iemand dat moet begrijpen, dan is het René wel. Zet een ijzeren paal midden in een willekeurige woonkamer en René zit op een stoeltje te wachten totdat een vrouw ondersteboven haar kruis naar het plafond laat wijzen.

Dat is, denk ik, het verschil tussen René en mij. Ik wil helemaal met niemand in bad zitten. Ik wil geen voeten langs mijn heup voelen. Niet van een vrouw en niet van een man. René heeft het omgekeerde. Die zit lekker te lullen over dat je alles lekker moet laten gaan, voelt een harig been langs zijn voet gaan en dat doet hem niks, tenzij die voet zit aan een homoseksueel.

Ik vind dat in geen enkele beroepsgroep samen in bad moet worden gezeten. Studio Voetbal, het wordt een heel ander programma als je bedenkt dat Tom Egbers na de uitzending gezellig naast Kees Jansma in bad zit. Ik ben bang dat ik met deze column John de Mol op een idee breng. Wilfred Genee met zijn hoofd boven water. Johan Derksen met een natte snor. Een leeg bad als Jan Boskamp instapt. Allemaal met het officiële heterobewijs geplastificeerd om hun nek.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *